Digitaal Kerkloket

De Johannes de Doperkerk.

Al meer dan zes eeuwen is de kerk met toren beeldbepalend voor Vledder. Het kerkgebouw is van grote cultuurhistorische en architectonische waarde. De toren werd als vestingwerk gebouwd in het midden van de veertiende eeuw ( rond 1350). Door de invloed vanuit Friesland heeft de toren een zadeldak. Er zijn slechts twee torens in Drenthe ( Norg en Vledder) met een zadeldak. Detoren is 28,5 meter hoog. De muren zijn minstens een meter dik. De onderste verdieping is afgezet met een regenboogfries, de galmgaten zijn rondbogig binnen spitsboognissen (gotisch/romaans).

In de toren bevindt zich een eikenhouten klokkenstoel. De klok is er na de Tweede Wereldoorlog in gehangen, daar de oude klok door de Duitse bezetters is weggehaald om omgesmolten te worden tot wapentuig. De nieuwe klok draagt het randschrift “ Dee’z klok roept u tot arbeid en rust, maar ook tot bezinning in hoger leven.” Deze klok wordt nu nog iedere dag om 8, 12 en 17 uur geluid. Vroeger deed dat men ook nog om 21 uur, men noemde dat de papklok. Men at dan voor het naar bed gaan nog een bord pap. De toren werd gebouwd voor een houten kerk, die in de oost/west richting stond. Deze kerk werd rond 1425 vervangen door een stenen kerkzaal (het schip). Hetkoor werd  er 50 jaar later (omstreeks 1475) aangebouwd. Het schip van de kerk heeft een houten zoldering die op zeven balken rust. Op de scheiding van de kerkzaal en het koor staat de preekstoel daterend uit het laatste deel van de 18e eeuw. Hierop bevindt zich ook een oude bijbel uit 1748. In de kerk ligt op een lessenaar een bijbel uit 1721.  Achter in het schip van de kerk staat eenorgel. Dit orgel is in 1999 in gebruik genomen. Het oude orgel ( 1915) verkeerde in een dusdanig slechte staat dat het niet meer gerestaureerd kon worden. Het nieuwe orgel werd gemaakt door B.A.G. Orgelmakers B.V. te Enschedé en telt 888 pijpen.

Het koor heeft een kruisgewelf waarvan de ribben op zeer eenvoudig gemodelleerde “kopjes” lijken te rusten. De twaalf (discipelen) gewelfvlakken zijn bij de laatste restauratie  (2007/2008) met korenhalmen (tarwe en gerst) beschilderd. Voedsel is een eerste levensbehoefte. Ook geestelijk voedsel. In het koor staat een doopvont dat uit één stuk Bentheimer zandsteen gemaakt is. Dit doopvont dateert uit de 11e eeuw en weegt ongeveer 1000 kg. Degrafzerk in het koor bedekt het graf van Grietje Drijber – van Royen (1781-1826), echtgenote van de toenmalige burgemeester van Diever/Vledder, de heer Stephanus Jacobus van Royen. Hij moest in 1847 door een nieuwe wet buiten op het kerkhof begraven worden. Ook deze grafzerk ligt er nog. Door alle eeuwen heeft de kerk veel stormen moeten ondergaan. In 1621 werd de kerk getroffen door een grote brand. Het gebouw stortte gedeeltelijk in. Het herstel liet lang op zich wachten. In de tachtigjarige oorlog koos een legereenheid van de Bisschop van Munster in 1672 de kerk tot legerkwartier. Ze lieten bij hun vertrek de kerk als een ruïne achter en namen ook een oude kansel-Bijbel mee. Zoals vermeld werd de torenklok in de Tweede Wereldoorlog door het Duitse leger meegenomen.

Er volgden verschillende restauraties o.a. die van 1818, ondersteund door de Maatschappij van Weldadigheid. Veel van de inwoners van de koloniedorpen, Frederiksoord en Wilhelminaoord, bezochten (al of niet verplicht) de kerkdiensten. De restauratie van 1952 – 1954 van toren en kerk kwam tot stand met steun van de rijksoverheid. In 1982 werden de binnenmuren van de kerk grondig hersteld. In 1997 werd de toren door de bliksem getroffen. Pas in 2001 werd het herstel aangepakt, daar men toen de schade (vallende stenen) opmerkte. Bij die restauratie ontdekte men de boktor in de dakspanten. Een volgende restauratie diende zich aan. In 2007 begon de restauratie van het dak van de kerk. In 2008 werd de geheel “opgefriste” kerk feestelijk in gebruik genomen. Zo staat hier de kerk weer in volle glorie te prijken op de kleine terp midden in het dorp.

Ons gemeentelid Roelie de Vries – Eleveld verwoordde dit op mooie wijze in een gedicht, “Ode aan Vledder”, waaruit het volgende couplet (in haar Drents) hier volgt:

Doch ien ding veraanderde niet, ’t is de kaark,

Die staöt daör zo fier en zo staark.

Overleefde veel rampen, mus oorlogsgedruis anhoren,

De Vleddersen bint trots op hun toren.

Zo leupen wij even dolend deur ’t dorp deur de tied,

Die laöt zich niet bienden, die komt en die giet.

En wat ze oens brengt, of wat ze reeds bracht,

Wij weten allemaal, de tied hold gien schaft.

 

 

Doopvont.

Een voorwerp in de kerk dat in het bijzonder aandacht vraagt is de doopvont. Zij is ouder dan het kerkgebouw en de toren of welk voorwerp hier aanwezig. Ook van de nog bestaande doopvonten in andere Drentse kerken is dit exemplaar waarschijnlijk de oudste. Deze vont is naar alle waarschijnlijkheid aan het eind van de 12e eeuw gehouwen uit één blok zandsteen en afkomstig uit de omgeving van Bad Bentheim.

Op de ronde kuip die rust op vier pilaren rond een schacht zie je vroeg Romaanse versieringen De trommel van de kuip draagt friezen met versieringen van een touwrand, een kruisband en arcaden. De kuip is groot genoeg om er een kind helemaal in onder te dompelen. Dit was gebruikelijk in de tijd voor de reformatie. De hoogte van de vont meet 105 cm en ze heeft een doorsnede van 80 cm. Het gewicht ligt rond de 1000 kg.

Veel doopvonten verdwenen uit de kerken na de reformatie en kregen in het gunstigste geval een plekje bij een smid of veehouder. Het Drents Provinciaal Museum heeft rond 1890 veel vonten opgekocht; zo ook deze. Sinds 1988 staat ze weer op de plaats waar ze thuis hoort en eeuwen heeft gestaan.

 

Gewelfschildering

 

SYMBOLIEK GEWELFSCHILDERINGEN NED. HERV. KERK VLEDDER

Betreft : Beknopte weergave symboliek gewelfschilderingen priesterkoor

Door   : Art-Decor Randolph Algera

Datum: Heerenveen, 16 maart 2008

 

Thema van onze gewelfschilderingen vormen de korenaren.

Onze gedachte voor de gewelfschilderingen in het priesterkoor is geweest om een thema te kiezen passend in het bestaande [huidige] interieur van de kerk [sober en eenvoudig] en passend in het cultuurlandschap van Vledder en omgeving. Daarbij komt dat korenaren als thema veelvuldig en als een belangrijk onderdeel voorkomt in de bijbel, zowel in het oude als nieuwe testament. De schilderingen geven o.a. één van de eerste levensbehoeften van ons bestaan weer: voedsel [graan, brood].

Hier uitgedrukt in tarwe en gerst uiterlijk niet veel verschillend [de een is wat dikker en de kleur wijkt af maar vertaald naar een tekening lijkt het veel op elkaar].

Historisch gezien was gerst voor de armen en tarwe van de rijken.

In dit priesterkoor geschilderd omdat ook hier het avondmaal wordt gedeeld.

Gerst was als basisgrondstof altijd en overal ter beschikking. Vertaald naar bijbelse betekenis zou je ook kunnen denken dat het geloof is als voeding en altijd en overal ter beschikking is.

Twee voorbeelden uit de Bijbel over gerst die ons aanspraken gaan ver terug in de tijd naar ongeveer 6000 jaar voor Christus, de zevende plaag in Egypte] en later als de jongen met 5 gerstebroden en twee vissen die daarmee een hele gemeenschap van voedsel voorzag.

De afsluiting van het priesterkoor heeft 4 tarwe aren die een soort kroon vormen, die weer op het goddelijke duiden.

Note: In ons basisplan lag eigenlijk het idee om twaalf gewelfvlakken te beschilderen met korenaren, symbolisch duidend op de 12 discipelen die immers ook de bron [voedsel/brood] vormen voor de verspreiding van het Christelijk geloof. Voorts is het getal 12 een veel voorkomend bijbels getal. Helaas hebben we ons basisidee niet volledig kunnen uitvoeren omdat men dacht dat het priesterkoor misschien te rijk zou worden. Wij zijn een andere mening toebedeeld in deze.

Tot slot hopen wij dat onze schilderingen u als parochiaan veel voldoening geeft en dat u er nog lang van mag genieten.

 

Randolph Algera & Mieke Nijland